magazine special: medisch

sondevoeding aan volwassen kat; ervaringsverhaal; tips

door Anjo Bravenboer

zieke Guus
Na een lange periode van afnemende eetlust, stopte Guus op 3 januari 2015 ineens helemaal met eten en werd erg ziek. Hij bleek een bacteriële infectie te hebben in zijn galblaas. Naast de behandeling van de ziekte met antibiotica, moest hij natuurlijk ook voedsel en vocht binnenkrijgen. Daarvoor werd een slokdarmsonde geplaatst waar wij hem eten door moesten geven. Later moesten we dwangvoeren of ook wel spuitjevoeren. Dat hadden we allebei nog nooit eerder gedaan, dus we hadden behoefte aan praktische informatie en ervaringen van anderen. Maar dat was vrijwel niet te vinden op internet. Daarom wilde ik zelf een stuk schrijven met mijn ervaring.

Hoe gaat sondevoeding?
sonde inwendig

sonde inwendig

Hoe zit een slokdarmsonde in elkaar? De sonde gaat in de hals naar binnen en komt in de slokdarm, sonde inwendig vlak voor de maag uit (als hij in de maag zou gaan, zou er maagsap de slokdarm in kunnen gaan lekken). Het eten komt dus eerst in de nauwe ruimte van de slokdarm en gaat daar vandaan pas de maag in. Daarom moet het voeren heel langzaam, anders heeft de slokdarm niet genoeg tijd om alles de maag in te stuwen en zal het omhoog komen en/of de kat misselijk worden.

Het geheel zit behoorlijk goed vast en is erop berekend dat er een beetje aan getrokken en gerommeld wordt. Uit de zijkant van de hals komt een slangetje, met een stukje leukoplast (pleisterplakstrip) eraan wat aan de huid zit vastgehecht. De sonde kan er dus niet zomaar uitkomen, tenzij de hechtingen los zouden raken (zie het einde van deze 'gebruiksaanwijzing')! Er steekt daarna een behoorlijk eind van de slang uit, wat opgerold tussen het verband zit. Daardoor trek je niet meteen aan de hechtingen als je aan het slangetje zit.
uitwendige sonde

sonde uitwendig

Aan het uiteinde van het slangetje zit een tuutje van zacht rubber(- achtig plastic) met een dopje erop van hetzelfde materiaal. Dat dopje ging er soms wat moeilijk af, zodat ik af en toe een beetje (zachtjes) moest “wrikken”. Guus had daar geen (of weinig) last van, vanwege het lange eind sonde: pleister en tuutje slangetje dat tussen het tuutje en de hechtingen zit. Het dopje zit vast aan het tuutje, dus het kan niet vallen of kwijtraken!

(Er zijn ook maagsondes, met een slangetje direkt in de maag wat uit de buik naar buiten komt, en neussondes, met een slangetje wat via de neus en keel in de slokdarm uitkomt. Voor katten is de slokdarmsonde standaard.)

het voeren
Zoals gezegd, moet het voeren heel langzaam. Het voedsel is vloeibaar en kan in een spuitje, dat vervolgens in het tuutje van de sonde moet. Dit ging niet zo makkelijk, omdat het een behoorlijk strakke aansluiting is.

Eerst echter moest het spuitje opgewarmd, anders kan er kramp in de slokdarm optreden door de kou en het is ook gewoon niet lekker om in één keer een koude plons in je buik te krijgen. Het opwarmen moet au bain marie: in een bakje met heet kraanwater zetten en even laten staan. Ondertussen werden eventuele medicijnen fijngestampt. Deze werden door de voeding gemengd. (Om de kans op verstopping van de sonde zo klein mogelijk te maken, zeefden wij de klaargemaakte voeding, nog voordat het in de spuit-porties verdeeld werd. Dit is echter niet noodzakelijk en kost tijd.)

uitwendige sonde
Om het voor Guus comfortabel te maken, maakten we van het voeren zelf een heel knuffelritueel. De spuitjes werden met warm waterbakje en al klaargezet naast de 'voederplek'. Hij werd op schoot genomen met een handdoek over hem heen. Dat was voornamelijk om te voorkomen dat er op zijn vacht gemorst werd (dat is volgens hem namelijk afschuwelijk), maar het zorgde ook voor extra knusheid. Daarna kwam het insteken van het spuitje. Die met de eventuele medicijnen eerst, voor het geval Guus halverwege misselijk werd of wegliep. Dan had hij de medicijnen in ieder geval binnen.

Het spuitje in het tuutje steken lukte het beste als ik het spuitje in één hand nam en het tuutje in de andere, tussen duim en wijs- en middelvinger. De hand die het tuutje vast heeft, moet niet te dicht bij de opening zitten, anders wordt die dichtgeknepen en dan gaat het spuitje er natuurlijk helemaal niet in! Ik stak dan het spuitje een beetje schuin in de opening zodat het randje in het tuutje zat. Daarna deed ik het spuitje rechter, zodat de rest van de rand ook als het ware het tuutje in gleed, waarna ik het spuitje nog aanduwde.

Het zit behoorlijk strak vast, Guus liep weleens weg toen hij wat beter begon te worden en sleepte dan het (soms nog volle, 25 ml) spuitje met zich mee! Hieruit blijkt ook weer dat er niet meteen erg aan de hechtingen wordt getrokken als er aan het slangetje wordt getrokken.

verzorging/hygiëne
De hechtingen genezen zodanig dat daar geen vocht meer uit komt, maar de opening van de sonde blijft een wondje. Omdat het steeds bewogen wordt, en de kat eraan gaat krabben (dat is niet erg vanwege het stevige verband), komt er niet één keurig korstje op. In plaats daarvan wordt het hele gebied rond het wondje korstig. Het zijn niet alleen bloedkorstjes, maar ook wat gelige korstjes, waardoor het geheel er nogal vies uitziet. Dit is niet erg, zolang de wond er zelf maar niet gezwollen of heel rood uitziet of stinkt.

uitwendige sonde
De korstjes kunnen voorzichtig verwijderd worden, ik heb het met een pincetje en wat watjes gedaan. Alles was van tevoren ontsmet met betadine en achteraf deed ik met een watje nog wat betadine op de wond. Wel opletten op hechtdraadjes die in de korstjes geplakt kunnen zitten! Het ging allemaal niet zo makkelijk omdat ik het verband opzij moest duwen, maar dat ging wel, ondanks dat de slang in het verband vastzit. Je zou het verband ook kunnen vervangen als je extra in huis hebt, maar dan moet het wel weer precies goed worden aangebracht, inclusief het extra eind slang dat ertussen moet. Guus vond de wondverzorging erg fijn, dus ik denk niet dat het (veel) pijn doet!

Het was ook een groot plezier voor Guus als er onder het verband gekrabd werd voor hem. Verband gaat erg jeuken na een tijdje, wat voor harige dieren vast nog veel erger is! Ik kon ook voorzichtig met een kammetje en mijn vingers zijn vacht een beetje verzorgen onder het verband. Er zat heel veel los haar onder toen ik dat de eerste keer deed, dus dit is geen overbodige luxe!

belangrijk!
Het sondevoeding-verhaal kwam bij ons ten einde, omdat Guus de hechtingen eruit gekrabd heeft. De pleister met hechtingen stak boven het verband uit, waardoor hij erbij kon. Toen we vervolgens onwetend het verband wilden verwisselen, glibberde de hele sonde door het wondje naar buiten. Terugplaatsen is niet mogelijk vanwege infectiegevaar, dus moraal van dit slotverhaal:
Let steeds goed op dat alle hechtingen goed onder het verband zitten, zodat de patiënt er niet aan kan krabben!!

1981 - 2019 © Burmezen & Burmilla's Rasclub Club27, burmezen.info | laatste wijziging 1 april 2018